Austerlitz

Austerlitz     Met mijn conditie gaat het wel, maar mijn knieën beginnen te protesteren wanneer ik bovenaan de eenentachtig treden tellende trap van de pyramide van Austerlitz sta.

het monument
bovenaan de steile trap
alleen vogels horen

     Vroeger als kind leverde dit geen probleem op. In de jaren zestig ben ik hier voor het eerst geweest. Vanuit Utrecht werden er dagtochten hier naar toe georganiseerd, zodat de stadskinderen zich ook eens in de natuur konden vermaken. De speeltuin en kermis zijn in vernieuwde vorm nog steeds aanwezig.
     Ik herinner me lange tafels waar kinderen limonade kregen te drinken. Ik het bos stonden overal “hutten” tegen de bomen die door de kinderen waren gebouwd. Tussendoor werden er veel bosbessen geplukt en gegeten.

     Gelukkig gaat de weg terug een stuk makkelijker en bosbessen zijn er niet meer rond deze tijd van het jaar dat ik er ben.

De eerste afbeelding is uit: Zwerftochten door ons land – Utrecht

Just as I would

Schiermonnikoog

the tide
arranging rocks and sand
just as I would

John Stevenson

Ik vermoed dat er niet veel mensen zijn die kijken of een strand mooi is. Wanneer we erheen gaan als de zon schijnt zoeken we een rustig plekje. Of in de winter hopen we dat we een lekkere wandeling kunnen maken – wind geen bezwaar.
Meestal zien we ook de nieuwe ontwikkelingen in de vorm van windmolens of schoorstenen ergens staan.

Ondanks dat werkt de natuur voortdurend aan de vormgeving van een strand. De wind blaast het zand over het strand naar een andere plek, het water vormt het weer op een andere manier, laat materiaal achter zoals schelpen en andere zaken die de zee bevat.

De natuur kijkt niet of iets mooi is, wij wel – als we er tenminste aan denken. De maker van de haiku heeft het wel gezien. Sterker nog, het ziet er precies zo uit als hij het zelf had gemaakt.
Dat het de natuur niet uitmaakt wat er wordt gebruikt en welke combinaties er benut zijn blijkt ook uit een andere haiku:

low tide –
stones that have dried
among those that haven’t

John Stevenson

 

Uit: Live again door John Stevenson

Vredespaleis

Vredespaleis     Ondanks de warmte staat koning Willem-Alexander in vol ornaat langs de route waar marcherende soldaten passeren vanwege veteranendag. Een stoet van militaire afdelingen komt voorbij, onder begeleiding van fanfarekorpsen en een enkele keer doedelzakken. Met veel kabaal komt de luchtmacht over met oude en nieuwe vliegtuigen.
     Netjes blijven alle afdelingen gescheiden, herkenbaar aan hun uniformen en hoofddeksels.

veteranendag
zoveel idealen
groeten de koning

     Daar tussendoor lopen de toeristen ietwat verloren rond, niet bedacht op de wegversperringen die her en der zijn opgeworpen. Ze zijn zich vaak niet bewust dat de koning op fotografieafstand staat.

     Verderop bij het Vredespaleis, voortgekomen uit een conferentie over vrede en ontwapening, is het stil, erg stil. Het is niet mogelijk om het gebouw vandaag te bezoeken. Op dagen dat dit wel kan moet je via detectiepoortjes naar binnen en mag je het alleen bezoeken onder begeleiding.

Vredespaleis –
toeristen, overal vandaan
eten er een ijsje

     Wat zou het mooi zijn als het hier drukker zou zijn. Dat hier machthebbers overleg hebben over vrede en ontwapening – het oorspronkelijke idee. En niet pas achteraf hier voor een arbitragecommissie moeten verschijnen vanwege oorlogsmisdaden. Als dat kan, zou de stoet die jaarlijks voorbij de koning marcheert telkens kleiner worden, wat me een mooi doel lijkt voor een instituut met de naam “Vredespaleis”.

De afbeelding is uit: Zwerftochten door ons land – Zuid-Holland

Los Angeles

Dagelijks fiets ik door het park achter ons huis, waar eeuwenoude bomen staan. Er staat ook een boom die ieder jaar met grote blauwe kelkbloemen bloeit.

uitheemse boom
op zijn kromgegroeide stam
groeit inheems mos

Tijdens onze vakantie in Los Angeles worden we door iemand rondgereden die ons de stad laat zien. Ineens zie ik op het trottoir “onze” boom staan, rijkelijk voorzien van bloemen.

walk of fame –
alleen oog hebben voor de boom
in bloei

Wanneer ik onze gids naar de boom vraag, verteld hij dat we geluk hebben dat hij in bloei staat. Los Angeles is een zeer droge stad, waar in het voorjaar en in de zomer nauwelijks regen valt. Meestal bloeit de boom wat later in het jaar.
Maar in de week voor wij aankwamen in de stad heeft het ongeveer tien minuten geregend. Zijn buurman was zelfs in zijn onderbroek de straat op gerend om de regen te kunnen voelen.