Hokusai – Chûnagon Kanesuke (Fujiwara no Kanesuke)

Hokusai – Chûnagon Kanesuke (Fujiwara no Kanesuke)

Mika no hara
wakite nagaruru
Izumigawa
itsu nite tote ka
koishikaruran

vrolijk stroomt hij
door de vlakte van Mika,
de Izumi-rivier.
Ik zag haar – wanneer was dat? –
en verlang nog steeds naar haar

Fujiwara no Kanesuke (877-933) bekleedde een ambt op een lagere post in het kabinet (Chûnagon). Zijn kleindochter is Murasaki Shikibu, de auteur van het verhaal van Genji.

Het gedicht drukt onzekerheid uit en is met een erotische ondertoon geschreven. De lettergrepen itsu miki (wanneer zag ik je) en itsu mi (wanneer zie ik je) zijn vervangen door tsu en is als zu in Izumigawa terug te vinden en geeft het verlangen van de dichter naar een vrouw aan, die hij wel heeft gezien, maar niet heeft leren kennen.

Van enige onzekerheid is op de afbeelding niets terug te vinden, of het moet de man zijn die voorin de boot de diepte van het water peilt. Verder is er een groep reizigers te zien op de rivier Izumi.

Overzicht gedichten en afbeeldingen uit deze serie

Logo Ayame (iris)