Uitvliegen

Het is een heerlijke warme dag en ik besluit achter in de tuin een boek te gaan lezen. Even later zie ik een winterkoninkje luid kwetterend op een beeld zitten. Meestal houden ze zich goed verborgen, maar dit keer trekt hij de aandacht met zijn opgewonden gepiep.

Ik kijk naar de plek waar hij zijn aandacht op heeft gericht en zie een kleine uitgave van dit vogeltje uit de heg komen. Onhandig, half vliegend, half vallend zakt het naar de grond, waar het snel tussen de planten verdwijnt.

Vlak daarna komt er een tweede uit de heg, die na een onhandige vlucht op ons zonnescherm terecht komt en daar wat paniekerig naar beneden begint te glijden totdat het houvast vindt tegen de rand van het scherm.

Er komt ook nog een derde te voorschijn, die met afstandjes van ongeveer een meter naar de beukenhaag vliegt, waarna de twee anderen jongen en de ouder zich bij hem voegen.

De hele middag kan ik vliegoefeningen van de jonge vogeltjes volgen en aan het eind van de middag levert het vliegen ze nauwelijks meer problemen op.

de kleine vogel,
vol bravoure op de laagste tak
van een struik

Ex libris – het narrenschip

Ex libris - het narrenschipOnlangs kreeg ik de ex libris hiernaast in mijn bezit. Waarschijnlijk is hij gemaakt in 1953.

Ik herken het als de eerste afbeelding uit “Das Narrenschiff”. Dit boek is geschreven door Sebastian Brant en in 1494 uitgegeven. In deze eerste uitgave staat deze afbeelding al en is gemaakt door Albrecht Dürer.

In het boek worden verschillende dwaasheden van mensen behandeld, waardoor – in het geval van het Narrenschip – de boot nooit op de plaats van bestemming aankomt. Deze dwaasheden zijn bijvoorbeeld: hebzucht, tweedracht, overspel, enzovoort. Dit zijn een paar grote zonden, maar ook kleinere komen aan bod. Het succes van het boek komt doordat de dwaasheden worden uitgebeeld door narren waardoor de bedoelde personen die algemeen bekend waren niet werden genoemd. En omdat iedereen wel iemand kent met dit soort eigenschappen kan het op meerdere personen worden toegepast.

Het eerste hoofdstuk, waar deze afbeelding bij hoort, gaat over iemand met een grote bibliotheek zonder de boeken te hebben gelezen. De boeken zijn puur om indruk te maken op de omgeving van de eigenaar. Ieder hoofdstuk begint met een kleine samenvatting, dit hoofdstuk begint met:

De narrendans leid ik nu blij,
Want ik las nooit die boekenrij.
Ze zijn te moeilijk ook voor mij.

Met deze wetenschap weet ik niet of ik deze afbeelding gekozen zou hebben voor mijn ex libris.