Atalanta – Vanessa atalanta

Atalanta - Vanessa atalanta

De Atalanta is een trekvlinder en kan in Nederland alleen met zachte winters overleven, al heb ik er ook wel eens bij ons in huis zien overwinteren. Vanuit Zuid-Europa trekken de vlinders ieder jaar richting noorden. In goede trekjaren kan deze vlinder vrijwel overal worden gezien. In september kunnen groepjes trekkende atalanta’s worden waargenomen, vooral langs de kust.

De vlinder is onder veel namen bekend, namelijk:

  • Atalanta
  • Admiraal
  • Admiraalsvlinder
  • Nommervlinder
  • Nummervlinder
  • Schoenmaker

En ook bij de wetenschappelijke namen heb ik er twee kunnen vinden, te weten:

  • Vanessa atalanta (Linnaeus, 1758)
  • Pyrameis atalanta

 

Atalanta - Vanessa atalantaHieronder de tekst en bijbehorende afbeelding uit de Vlinderatlas – waar hij Nommervlinder of Admiraal wordt genoemd – uit 1913, geschreven door E.J.V.M. Hoogeveen, de afbeelding is van de hand van W. Hubert:

De Nommervlinder of Admiraal (Pyrame├»s atalanta) is een onzer sierlijkste en tevens algemeenste dagkapellen. Dartel vliegt hij langs de wegen, spottend zet hij zich neer op het boek dat gij leest in den tuin, nieuwsgierig komt hij de verandahs ingevlogen en onderzoekend besnuffelt hij iedere schoone bloem – kortom iedereen heeft hem wel eens gezien. Het fluweelzwart van zijn mantel, is heerlijk omhangen met vermiljoenrode slingers en geteekend met sneeuwwitte vlekken.
Op de onderzijde ziet men in ‘t midden der achtervleugels eene teekening, die gelijkt op het getal 98 of 89 – iets wat hem den naam van Nommervlinder bezorgd heeft.
De rups is geelbruin of zwartachtig; draagt geelachtige dorens en een gele lengtestreep op het lichaam; en vreet vooral brandnetels. Soms zitten zij ook op distels. Op beide plantensoorten leven zij in bijeengesponnen bladeren.
De pop is grijsbruin met goudvlekken.
Het schijnt dat de rupsen van de tweede generatie zich uitsluitend bepalen tot de kleine brandnetel (Urtica urens); die van de eerste, eten ook de blaren van de groote (U. dioica).

 

Atalanta - atalanta vanessaIn het Verkade-album Lente is een afbeelding van Jan Voerman Jr. opgenomen van de Atalanta en schrijft Jac. P. Thijse het volgende:

Op de zonnige zandpaden koesteren zich de bonte vlinders: het gele citroentje, een enkele atalanta met haar rode ordelint, de dagpauwoog met zijn vier bonte vlekken en de koningsmantel, donkerpurper, met goud gezoomd. Den heeelen winter door hebben ze verborgen gezeten in hoeken en gaten, verstijfd, verdoofd en die prachtige schoenlappers leken toen niet meer dan lapjes vuil want ze zitten met de vleugels opgeklapt, zoodat alleen de dof gekleurde onderzijde en niet de bonte bovenkant te zien is. Maar nu is alle leed geleden, en zooals ze nu zitten in de zonneplekken op den boschgrond, lijken ze een nieuw soort van zee bijzondere lentebloemen.

 

In het tweede deel van De insecten door Dr. G. Kruseman Jr. staat het volgende over de Atalanta:

De atalanta wordt ook schoenlapper of nummervlinder genoemd. De naam ‘nummervlinder’ ontleent deze zwart-wit-roode vlinder aan de figuurtjes op de onderzijde, die in sommige gevallen duidelijk op cijfers gelijken. Er staat dan op de rechtervleugel van het dier (voor ons de ‘linker’-vleugel) 18 en op zijn linkervleugel een 8 en een 1 in spiegelbeeld. Dus tezamen kan men er ‘1881’ uit lezen.
(…)De vlinders verschijnen hier als overvliegers uit het zuiden in Mei en Juni, dat is de eerste generatie in het zuiden, deze brengen hier een tweede generatie voort, welke tezamen met de kleine vossen op de nazomer-bloemen van de tuinen vliegen.